RegistrerenAanmelden

Auteur John Irving over succes, worstelen en seksuele ongelijkheid

In zijn nieuwste boek ‘In een mens’ maakt schrijver John Irving komaf met seksuele intolerantie. Omdat het nog steeds nodig is. «De beweegredenen voor discriminatie veranderen voortdurend. Maar de discriminatie blijft», stelt hij aan de kaak.

De 70-jarige John Irving wordt beschouwd als een van de beste schrijvers van zijn generatie.  De grote doorbraak volgde bij ‘De wereld volgens Garp’, een roman over een schrijver die zijn geliefden wil beschermen maar daar niet in slaagt. Na de publicatie in 1978 vloog het boek de winkelrekken uit.

John Irving, In een mens, De Bezige Bij, 528 p., 19,90 euro

Het werd een wereldwijde bestseller en een regelrechte klassieker. Er volgden nog elf boeken, waaronder ‘De regels van het ciderhuis’ en ‘De laatste nacht in Twisted River’. Irving waagt zich vaak aan dezelfde thema’s. Excentrieke personages bevolken zijn boeken, regelmatig passeert er een beer de revue en ook over seksuele intolerantie zet hij graag een boompje op.  Met ‘In een mens’ houdt hij een nieuw pleidooi voor seksuele verscheidenheid. Meer dan vijf decennia lang nestelt Irving zich in de voetsporen van Billy, een onzekere jongen met schrijversambitie die leert omgaan met verlies.

Spraakwaterval

John Irving praat zoals hij schrijft. Met elegante volzinnen haalt hij de grootste clichés vol humor en daadkrachtig onderuit. Na iedere vraag valt er een bedachtzame stilte van enkele seconden, daarna volgt een literaire spraakwaterval waarin anekdotes over worstelen en seksuele tolerantie moeiteloos een plaats krijgen. Ook op 70-jarige leeftijd beschikt de Amerikaan over de woeste wilskracht van een aanstormende auteur. Voor de promotie van zijn nieuwe boek ‘In een mens’ reist hij al een paar maanden de wereld rond. De dag voor dit interview doet hij nog de Brusselse Bozar vollopen met bijna duizend enthousiaste fans. «Het publiek was goed», aldus Irving. «Al lag er wel een vrouw te slapen vanaf de eerste minuut. Een overdosis drugs ofzo.»

Als schrijver hebt u meer uitstraling dan de gemiddelde popster. U prijkt op magazinecovers en lokt volle zalen wanneer u voorleest uit uw werk.

«Ik sta graag voor een groot publiek. Ik heb een achtergrond in het theater en voel me comfortabel op een podium. Maar je moet natuurlijk wel al wat lezers hebben om een zaal uit te verkopen.»

Hoe verklaart u uw succes?

«De schrijver moet zowat de laatste persoon zijn die begrijpt waarom hij gelezen wordt. Voor de publicatie van ‘De wereld volgens Garp’ had ik de indruk dat niemand mijn boeken las. Ik werkte aan vier boeken zonder een goedverkopend auteur te zijn. Ik had een erg klein publiek, een beetje als een onbekende poëet. Ik spiegelde mezelf voor dat het zo moest zijn: om de zoveel jaar een boek afwerken dat enkel mijn vrienden zouden lezen. Ik dacht niet dat het een dagtaak kon worden. Ik gaf al les en trainde worstelaars.»

Schikte u zich in dat lot?

«Ik geloofde wel dat ik beter werk kon afleveren mocht ik me voltijds op het schrijven concentreren. Maar voor meer dan de helft van mijn gepubliceerde boeken was ik actief als worstelcoach. Ik stopte met literatuur te geven op de universiteit nadat Garp was gepubliceerd in 1978, maar met het worstelen ging ik nog meer dan tien jaar door. Al was het maar omdat ik dacht dat die curieuze gewoonte, schrijven, me niet in mijn dagelijkse onderhoud ging voorzien.»

Als schrijver blijft worstelen een belangrijk deel van uw leven. De combinatie oogt op z’n minst merkwaardig.

«De mensen in mijn leven die ik ken dankzij het worstelen zijn erg verschillend van de mensen die ik ken dankzij het schrijven. Die twee werelden overlappen niet, behalve voor mijn twee oudste kinderen en mezelf. Maar mijn vrienden van de ene wereld waren geen vrienden van de andere wereld. De moeilijkheid was erkenning. Mijn worstelvrienden dachten dat mijn schrijverschap een rariteit was. Mijn literaire vrienden waren verbijsterd door het aantal uur dat ik in de sportzaal doorbracht. Na een tijdje gaf ik het op ze aan elkaar te introduceren. Ze stonden elkaar toch enkel maar aan te staren.»

Ziet u parrallen tussen uw werk als schrijver en als worstelcoach?

«In beide gevallen moet je veel aandacht besteden aan details. Hetzelfde keer op keer opnieuw doen. Zinnen herschrijven of een beweging oefenen, zodat het er uiteindelijk erg spontaan uitziet. Wanneer een worstelaar je naar het hoofd grijpt met zijn rechterarm, dan is zijn rechterbeen kwetsbaar. (demonstreert) Door training weet je wat te doen in een fractie van een seconde”.

«Een verhaal bouw je langzaam op. Om dan de lezer driehonderd pagina’s later te laten denken: ‘hoe heb ik dit niet zien aankomen?’. Het oogt allemaal erg spontaan, maar dat is helemaal niet zo. Er zit een erg planmatige aanpak achter. Je bouwt een roman twee of drie pagina’s per dag. Ik ken al het einde van het boek wanneer ik eraan begin. Ik zet eerst de laatste zin op papier. En dan de zin ervoor, tot er een hele passage is. Ik weet nu al waar ik over drie jaar ga uitkomen. Op kerstavond schreef ik al het slot van een nieuw boek. Vergelijk het met een goede acteur. Om de toon te zetten in de eerste scène, moet hij weten hoe hij klinkt in de laatste scène.»

‘Grote verwachtingen’ van Charles Dickens krijgt een prominente plaats in uw nieuwe boek. Betekende het boek evenveel voor u als voor uw jonge hoofdpersonage Billy Abbott?

«Dickens stond erg hoog op mijn lijst, net zoals Herman Melville en Thomas Hardy. Mede door ‘Grote verwachtingen’ wilde ik schrijver worden. Dickens maakte lange, plot-gedreven, karakter-georiënteerde romans, dat wilde ik ook doen. ‘In een mens’ was voor mij de kans om te schrijven over alle boeken waar ik in mijn jeugd dol op was. Ik was bang om ze te herlezen op latere leeftijd. Wat als ik er niet meer van zou houden? Maar ze bleven verrassend goed overeind. Sommige boeken waren er zelfs beter op geworden, zoals ‘Giovanni’s Kamer’ van James Baldwin. Als Billy tegen de bibliothecaresse Ms. Frost vertelt over de aard van zijn verliefdheden, raadt ze hem dat boek aan. Toen ik het voor het eerst las, was het een echte schok. Door het later nog eens te lezen, pikte ik heel wat subtiliteiten op die ik aanvankelijk miste.»

Met ‘In een mens’ schrijft u opnieuw over seksuele intolerantie, meer dan dertig jaar na ‘De wereld volgens Garp’. Waarom voelde u de noodzaak om er opnieuw over te schrijven?

«Niet omdat er niets veranderd is. Er is veel veranderd. Mensen zijn toleranter geworden. De seksuele haat is minder gewelddadig dan toen ik Garp schreef. Maar nog steeds gaat niet iedereen akkoord met homoseksuele relaties. De verschillen tussen België en Nederland of de Verenigde Staten vallen me erg op. Hier gaat het vaak om mensen uit de moslimgemeenschap die weigerachtig tegenover mensen van een andere geaardheid staan. Pas op: het gaat vaak om een kleine minderheid binnen de gemeenschap. In de VS komt de afkeer uit een andere hoek: ultrachristelijk rechts. Al zie ik er ook een typisch Amerikaanse reflex in: proberen te doen stoppen wat je zelf smakeloos vindt. ‘Ik zou dat nooit doen, dus niemand mag dat ooit doen’, die redenering.

«De beweegredenen voor discriminatie veranderen voortdurend. Maar de discriminatie blijft. Groepen mensen zullen afgekeurd blijven worden voor hun raciale, religieuze of seksuele achtergrond. Die intolerante vijandelijkheid gaat maar niet weg. Neem nu de tegenstanders van abortus. Toen ik ‘De regels van het ciderhuis’ publiceerde in 1985 maakte ik me al geen illusies meer. De tegenstanders trekken al tientallen jaren ten strijde en geven maar niet op. Ze zitten meer in de loopgraven dan ooit tevoren.»

(Bron: Metro)

Tags: , , , .

Jouw mening Geef nu je mening

Er zijn nog geen reacties op “Auteur John Irving over succes, worstelen en seksuele ongelijkheid”.


Geef je mening

Je moet inloggen om een reactie te kunnen plaatsen.