Een VN-verdrag inzake de rechten van ouderen?

Standpunt

Van 12 tot 15 december vindt in het hoofdkwartier van de Verenigde Naties de 7de bijeenkomst plaats van de Open Werkgroep inzake de veroudering (OEWG). Deze werkgroep werd in 2010 opgericht door de Algemene Vergadering van de VN met als doel om de rechten van ouderen beter te beschermen. De werkgroep heeft een mandaat om na te gaan of de huidige internationale en nationale overeenkomsten en wetten afdoende zijn om de rechten van ouderen te vrijwaren en om leemtes in de wetgeving vast te stellen. Ook kan zij een voorstel doen om een nieuw instrument te ontwikkelen, dat de rechten van ouderen beter kan afdwingen. In het licht daarvan, wordt al een tijdje gesproken over een nieuw VN-verdrag voor de rechten van ouderen, naar analogie van het verdrag inzake de rechten van personen met een handicap. 

Nochtans bestaat er een reeks van verdragen die toezien op de mensenrechten, inclusief deze van ouderen. Is een apart verdrag dan wel zinvol? Op een studiedag georganiseerd door de Vlaamse Ouderenraad, wees Marijke De Pauw (VUB) op de mogelijke maatschappelijke en juridische meerwaarde van een dergelijk verdrag. Zo bestaat er geen expliciet internationaal verbod op leeftijdsdiscriminatie en worden specifieke ouderenrechten, zoals recht op geriatrische zorg, recht op pensioen, recht op autonomie en volwaardige maatschappelijke participatie en bescherming tegen ouderenmisbehandeling, niet als dusdanig benoemd in de huidige internationale verdragen.

Een VN-verdrag voor de rechten van ouderen houdt daarentegen internationale en nationale juridisch bindende normen in. Niet alleen is er de verplichting om rechten te respecteren, maar ook om maatregelen te nemen om rechten te beschermen. Een VN-comité inzake de rechten van ouderen zal ingeval het verdrag er komt, er op toezien of en hoe het verdrag wordt omgezet in nationale of regionale wetgeving.

Een aantal obstakels dienen echter overwonnen te worden. Zo is de afbakening van het begrip ‘oudere’ in een internationale context niet eenvoudig vast te stellen. In landen met een lage levensverwachting zal men een andere leeftijdsnorm hanteren om iemand als oudere aan te duiden, dan in landen waar de gemiddelde levensverwachting een stuk hoger ligt. De vraag is ook of een VN-verdrag krachtig genoeg zal zijn om weerwerk te bieden tegen een aantal ingebakken culturele patronen, die bijvoorbeeld de uitsluiting van oudere vrouwen in sommige landen in de hand werken.

Ook bij de Westerse landen loopt niet iedereen even warm voor een Verdrag voor ouderenrechten. De Europese Commissie wijst het idee beleefd van de hand, en wil liever inzetten op een betere toepassing van de bestaande middelen om de rechten van ouderen te vrijwaren. Mogelijk vrezen een aantal lidstaten dat zij op het vlak van pensioenbeleid, toegang tot de gezondheidszorg en non-discriminatie van ouderen, slechte punten zullen scoren, ingeval zij onder een verdrag vallen.

Vief is van mening dat de piste van een VN-Verdrag inzake de rechten van ouderen verder onderzocht dient te worden en dat het mogelijk een waardevol instrument kan zijn om hiaten in het vrijwaren van rechten voor ouderen, in kaart te brengen en weg te werken.

Sitemap - Vief vzw 2017 - info  vief.be - Site door Faromedia